Rijksoverheidslogo (blauw vaantje)
Loketgezondleven.nl

Beweegnormen: lichamelijke activiteit en (sedentair) gedrag

Lichamelijke activiteit gedefinieerd

Het Nationaal Kompas Volksgezondheid gebruikt een ruime definitie van lichamelijke activiteit: ‘elke krachtsinspanning van skeletspieren resulterend in méér energieverbruik dan in rustende toestand.’ Lichamelijke activiteit is in te delen naar:

  • Het type activiteit (bijvoorbeeld: fietsen of zwemmen).
  • De intensiteit waarmee iemand een activiteit verricht (bijvoorbeeld: licht intensief bewegen zoals rustig wandelen, of intensief bewegen zoals hardlopen).
  • De setting waarin iemand een activiteit uitvoert (bijvoorbeeld: werk, huishouden, vrije tijd of transport).

Beweegnormen 

Wanneer voldoet iemand aan de minimale hoeveelheid lichaamsbeweging die nodig is voor een goede gezondheid? Om dat te bepalen zijn verschillende normen vastgesteld, die verschillen per doelgroep (Ooijendijk et al., 2007).

  • De Nederlands Norm Gezond Bewegen (NNGB) geeft aan hoeveel iemand minimaal ‘matig intensief’ moet bewegen om gezondheidswinst te behalen. In het algemeen geldt voor kinderen een norm van 60 minuten per dag en voor volwassenen een norm van 30 minuten op minimaal 5 dagen per week.
  • De fitnorm geeft aan hoe vaak en hoe lang iemand intensief moet bewegen om de cardiovasculaire conditie op peil te houden (hart, bloedvaten en longen): minimaal 3 keer per week 20 minuten zwaar intensief bewegen.

De combinorm is een combinatie van de NNGB en de fitnorm. Wie één van beide normen of beide normen haalt, voldoet aan de combinorm en beweegt genoeg voor een goede gezondheid.

Voor 65-plussers geldt ook de ‘krachtnorm’: minimaal 2 keer per week krachtoefeningen om de fysieke conditie op peil te houden en beperkingen te voorkomen.

Wat is sedentair gedrag?

Steeds meer mensen brengen een groot deel van hun dagelijks leven zittend door. Bij activiteiten met een laag energieverbruik in combinatie met een zittende of liggende houding (niet slapend) is sprake van sedentair gedrag. Voorbeelden zijn televisie kijken, computeren, zitten op school of op het werk.

Lichamelijke inactiviteit (onvoldoende bewegen) en sedentair gedrag zijn twee verschillende begrippen met (deels) verschillende determinanten. Interventies die ontwikkeld zijn om mensen meer te laten bewegen, zijn niet (of minder) effectief in het verminderen van sedentair gedrag. Daarbij lijkt sedentair gedrag een risicofactor voor een verhoogde mortaliteit en morbiditeit, onafhankelijk van de mate van lichamelijke activiteit (Katzmarzyk et al., 2009; Dunstan et al., 2010; Van der Ploeg et al., 2012 ). Dit betekent dat een fanatieke sporter die driemaal per week uren lang intensief traint maar op het werk en thuis vooral zit, toch een verhoogd risico heeft op gezondheidsproblemen.

Normen voor sedentair gedrag

Er is nog geen internationaal gangbare norm voor sedentair gedrag. Alleen voor 4- tot en met 11-jarigen bestaat een internationale richtlijn: niet meer dan 2 uur per dag computeren of tv kijken in de vrije tijd (American Academy of Pediatrics, Committee on Public Education, 2001; Department of Health and Aging, 2004). Wel hebben verschillende landen, zoals Australië, Canada en Groot-Brittannië, recent de potentiële gezondheidsrisico’s van sedentair gedrag expliciet in hun beweegrichtlijnen opgenomen. In deze landen krijgen mensen van alle leeftijden het advies om langdurig zitten te beperken (The British Heart Foundation National Centre for Physical Activity and Health, 2012)

.

Bronnen en Literatuur

Literatuur

  • American Academy of Pediatrics, AAPCommittee on Public Education. Children, adolescents and television viewing. Pediatrics, 2001; 107: 423-426.
  • Department of Health and Aging DHA.Active kids are healthy kids: Australia’s physical activity recommendations for 5-12 year olds. Canberra: ACT: Commonwealth of Australia, 2004.
  • Dunstan DW, Barr EL, Healy GN, Salmon J, Shaw JE, Balkau B, et al.Television viewing time and mortality: the Australian Diabetes, Obesity and Lifestyle Study (AusDiab). Circulation 2010; 26; 121 (3): 384-91.
  • Katzmarzyk PT, Church TS, Craig CL, Bouchard C.Sitting time and mortality from all causes, cardiovascular disease, and cancer. Medicine & Science in Sports & Exercise, 2009 ; 41(5): 998-1005.
  • Ooijendijk WTM, Hildebrandt VH, Hopman-Rock M.Bewegen in Nederland 2000-2005. In: Hildebrandt VH, Ooijendijk WTM, Hopman-Rock M. (Red.). Trendrapport Bewegen en gezondheid 2004/2005. Hoofddorp/Leiden: TNO, 2007.
  • The British Heart Foundation National Centre for Physical Activity and Health BHFNC. Sedentary behaviour evidence briefing. Loughborough,2012.
  • Van der Ploeg HP, Chey T, Korda RJ, Banks E, Bauman A.Sitting time and all-cause mortality risk in 222.497 Australian adults. Arch Intern Med, 2012 ; 172 (6): 494-500.

Begrippen en afkortingen

Afkortingen

NNGB
Nederlandse Norm Gezond Bewegen