U bent hier

Voorbeeld: Groene Lijm verbindt de wijk

In de wijk waar Ton Oomen woont, lag drie jaar geleden een terrein braak. Een aantal enthousiaste buurtbewoners zag hierin de mogelijkheid van een gezamenlijke tuin. Ze dienden een plan in bij de projectontwikkelaar van wie de grond was, en die stemde met dit plan in. De gemeente had verduurzaming van de voedselketen als speerpunt, daar paste deze moestuin goed in. Inmiddels zijn er na het succes van de buurttuin BergbOss al zes andere standslandbouwtuinen tot stand gekomen onder de vlag van het platform Stadse boeren Oss. Bij deze tuinen betreft het vaak grond van de gemeente. Cindy Hagestein, gemeente Oss, en Ton Oomen vertellen graag meer over dit succesvolle burgerinitiatief en de rol van de gemeente hierin.

Denk als gemeente niet in ‘what if’ scenario’s, zie soms dingen door de vingers en je zult zien dat het vaak positief uitpakt.

Ton Oomen, wijkbewoner en voorzitter buurttuin BergbOss

Wat leuk, een stadstuin!

Ton: “Ja, erg leuk! Op zaterdagochtend verdelen we hier de oogst. Overgebleven producten van een aantal tuinen gaan naar de voedselbank of een lokaal restaurant. We spreken zelf over ‘groene lijm’ omdat de sociale cohesie door de tuinen wordt vergroot, lokale ondernemers krijgen een boost omdat buurtbewoners diensten bij elkaar afnemen, het voedselbewustzijn van kinderen is vergroot en ze spelen meer buiten.”

Welke afspraken hebben jullie gemaakt met de gemeente?

Het beheer van buurttuin BergbOss is in handen van een daarvoor opgerichte stichting onder leiding van 8 buurtbewoners. Voor de andere tuinen is met de gemeente een contract afgesloten waarin is opgenomen dat er een vast aanspreekpunt is, meestal een buurtbewoner. Daarmee is er heldere verantwoordelijkheid voor het beheer van de tuin, maar bij slecht onderhoud of een bestemmingswijziging kan de gemeente de grond terugvorderen en in oude staat terugbrengen.

Hoe is het contact tussen de bewoners en de gemeente?

Ton: “Er is nauw contact met de ambtenaren, de lijntjes zijn kort en zaken worden snel geregeld. Als er ergens een tuin start, dan faciliteren ze in het gebruiksklaar maken van de grond en stellen materiaal ter beschikking, zoals stoeptegels en paaltjes. De gemeente geeft veel ruimte aan buurtbewoners en dit pakt goed uit.” Cindy: “Als gemeente heb je al veel contacten, waardoor je eenvoudiger dingen kunt regelen, zoals een watertappunt of een marktkraam.”

 

Wie bepaalt wat er met de tuin gebeurt?

Dat gaat organisch. In de bergbOss tuin komt de kerngroep van 8 buurtbewoners maandelijks bij elkaar. Elke buurtbewoner kan nieuwe ideeën of plannen voor de tuin inbrengen en hier nemen zij een besluit over. De uitvoering van het plan ligt vervolgens bij de indiener die daar zelf hulp bij zoekt. Ook komen alle trekkers van de andere stadstuinen in Oss zeswekelijks bij elkaar om kennis, ervaring maar ook knelpunten en successen te delen.

Wat zijn succesfactoren bij dit burgerinitiatief?

Cindy: “De actie en denkkracht komt hier uit de bewoners zelf. Als welzijnsorganisatie, woningcorporatie of gemeente kun je het wel stimuleren, maar uiteindelijk moeten bewoners zelf de kar trekken.” Ton: “Begin klein, circa 2 of 3 enthousiaste bewoners die initiatief nemen is voldoende, dan komen er vanzelf meer buurtbewoners bij. In de buurt zijn ook altijd mensen minder enthousiast. Ook dan is het aan de buurtbewoners zelf om met deze personen in gesprek te gaan.”

Om het succes van burgerinitiatieven te delen binnen de gemeente is door de betrokken ambtenaren een filmpje gemaakt van dit project, om zo bij collega’s een positieve houding rond burgerinitiatieven te stimuleren en te laten zien wat het oplevert.”  Ton heeft zijn ervaringen beschreven in het boek ‘de kracht van groene lijm’.

Buurtmoestuinen (stadslandbouw) kunnen bijdragen aan de gezondheid van bewoners en de kwaliteit van de leefomgeving. Door in deze moestuinen te werken bewegen mensen meer en eten ze meer zelfgekweekte groente en fruit. Er zijn ook aanwijzingen dat stress afneemt en (meer) sociale contacten in de buurt ontstaan. Dat blijkt uit onderzoek door het RIVM. Lees meer

Ook gevonden

Afdrukken:

Via printer