U bent hier

Belangrijkste risicogroepen alcoholmisbruik

Jongeren

Jongeren zijn de belangrijkste doelgroep voor preventie van overmatig alcoholgebruik. Nederlandse jongeren scoren hoog ten opzichte van andere Europese landen als het gaat om vaak drinken en veel per keer drinken ([1]). Alcohol bij kinderen kan tijdens de groei ernstige hersenschade veroorzaken, wat invloed kan hebben op leerprestaties. Bovendien hebben jongeren die vroeg beginnen met drinken, een grotere kans op alcoholproblemen of verslaving op latere leeftijd.

Meeste zware jonge drinkers in uitgaansleven en zorg

Jongeren die onder de noemer ‘zware drinkers’ vallen, drinken meer dan tien glazen per week. De jongeren die het meest drinken zijn:

  • Jongeren die uitgaan. Onder hen drinken hoger opgeleide jongeren meer dan lager opgeleide jongeren. Ook wordt in steden meer gedronken dan daarbuiten ([2]).
  • Jongens in de residentiële jeugdzorg. Het percentage zware drinkers ligt daar onder de 12-13 jarigen, de 14-15 jarigen en de 16-jarigen op respectievelijk 12,5%, 33,3% en 40,4% ([3]).
  • Jongeren in Justitiële Jeugdinrichtingen (JJI). Het gebruik in de maand voorafgaand aan de plaatsing was 70%. Voor de plaatsing dronken 13-14 jarige jongens in een JJI gemiddeld 10 glazen alcohol op de vier doordeweekse dagen samen en gemiddeld 17 glazen gedurende de weekenddagen (27 glazen/week). Onder scholieren consumeerden jongens van dezelfde leeftijd gemiddeld één glas door de week en vijf glazen in het weekend (6 glazen/week; [4]).

Overige risicogroepen

  • Kinderen van verslaafde ouders: zij hebben een grotere kans op verslavingsproblemen en/of psychische problemen op latere leeftijd. Voor de ondersteuning van deze kinderen is een aparte Handreiking KVO/ KOPP beschikbaar.
  • Senioren: zij hebben met jongeren gemeen dat ze meer vrije tijd hebben (en dus in de gelegenheid zijn om alcohol te drinken) en veelal over voldoende geld beschikken.
  • Mensen met depressie of stemmingsstoornissen: zij hebben meer kans op hoger alcoholgebruik en alcoholafhankelijkheid.
  • Zwangeren: alcohol heeft een aantoonbaar negatief effect op de ontwikkeling van de hersenen van het ongeboren kind. Toch blijft naar schatting 35% tot 50% van de zwangere vrouwen in Nederland alcohol drinken.

Verschillende ongezonde gedragingen clusteren vaak bij dezelfde personen: rokers zijn vaker zware drinkers dan niet rokers. Ook mensen met overgewicht zijn vaker zware drinkers. De combinatie van roken, zwaar alcoholgebruik en/of overgewicht komt vaker voor onder laagopgeleiden dan onder hoogopgeleiden.

Onderzoek naar alcoholgebruik 55-plussers

Trimbos gaat onderzoek doen naar de aard en omvang van het alcoholgebruik bij 55-plussers. Het onderzoek wordt gefinancierd door het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Er is niet veel bekend over (problematisch) alcoholgebruik onder ouderen. Uit de kerncijfers verslavingszorg blijkt dat het aantal hulpvragers onder ouderen sterk is gestegen. Er zijn echter geen recente cijfers over de exacte omvang van het alcoholgebruik en problematiek onder ouderen, hoe dit zich verhoudt tot jongere volwassenen en hoe zich dit ontwikkelt naarmate de leeftijd vordert.
In het onderzoek worden naast de omvang van het gebruik en de problematiek, ook de beweegredenen voor alcoholgebruik en de kenmerken van ouderen die veel alcohol gebruiken onderzocht. De resultaten worden in het voorjaar van 2017 verwacht.

Alcohol en sociaal economische status

Meer alcoholgebruikers onder hoogopgeleiden

Het percentage hoog opgeleiden dat alcohol drinkt is hoger (90%) dan laag opgeleiden (63%). Het gaat hier om mensen die wel eens of vaker alcohol gebruiken.

Meer alcoholgebruikers onder autochtone deel bevolking

Autochtonen drinken vaker wel eens alcohol (81%) dan niet-westerse Nederlanders (63%).

Meer zware drinkers onder laagopgeleiden

Zwaar alcoholgebruik komt meer voor bij mensen met een lage opleiding (lagere school) dan bij mensen met een hoge opleiding (hbo of universiteit). Van de mensen uit de lage opleidingscategorie is 13,7% een zware drinker en van de hoogopgeleiden is dat 6,9%.  

Jongeren met een laag schoolniveau drinken het meest

Bij de jeugd geldt dat scholieren met een lager schoolniveau vaker en meer drinken dan scholieren met een hoger schoolniveau ([5]). Dit geldt voor het aandeel scholieren dat in de afgelopen maand heeft gedronken (recente drinkers). Ook doen de recente drinkers met een lager schoolniveau vaker aan binge drinken dan recente drinkers met een hoger schoolniveau. Scholieren van het vmbo die recent gedronken hebben, drinken ook vaker meer dan 10 glazen op een weekenddag, vergeleken met vwo-scholieren ([5]).

Meer informatie

Volksgezondheidenzorg.info: Bevolkingsgroepen 

Referenties en bronnen

Referenties

  1. al., 2 20. Hibell et al., 2012.
  2. Van Laar MW, Cruts AA, Van Ooyen-Houben MM, Meijer RF, Croes EA, Ketelaars AP. Nationale Drug Monitor 2012. 2013.
  3. al. 20. Kepper et al., 2011.
  4. al. 20. Kepper et al., 2009.
  5. al. 20. Van Dorsselaer et al., 2010.

Ook gevonden

Afdrukken:

Via printer