U bent hier

Drank- en Horecawet

De DHW reguleert de verkoop van alcoholhoudende dranken en bewaakt de verantwoorde verstrekking van alcohol. In de wet staan een aantal belangrijke aanknopingspunten voor lokaal beleid.

Beperking van het aantal verkooppunten

De Drank- en Horecawet regelt wie alcoholhoudende drank mag verkopen en waar dat gebeurt. Er geldt een vergunningstelsel voor het schenken van alcoholhoudende drank in onder meer cafés en sportkantines, maar ook voor de verkoop van sterke drank in slijterijen. De vergunning wordt pas verstrekt na een grondig onderzoek naar de leidinggevenden en het pand, onder verantwoordelijkheid van de burgemeester. Andere bedrijven die zwak-alcoholhoudende drank verkopen voor gebruik elders, hoeven geen vergunning te hebben zolang ze aan de voorwaarden in artikel 18 lid 2 van de DHW voldoen. Hier vallen supermarkten, wijnwinkels en avondwinkels bijvoorbeeld onder. Op deze manier beperkt de wetgever het aantal verkoop- punten, zodat mensen niet overal geconfronteerd worden met de mogelijkheid om alcohol te kopen of andere mensen te zien drinken. 

Blurring: geen goed idee vanuit het oogpunt van volksgezondheid

In 2016 experimenteerde een vijftigtal gemeenten met mengvormen van horeca, detailhandel en dienstverlening (blurring). Denk aan het schenken van wijn bij de kapper of het verkopen van bijzondere bieren in een boekhandel. Deze experimenten waren in strijd met de DHW maar de VNG steunde de pilots omdat het tegemoet zou komen aan de wens van consumenten en leegstand tegen zou gaan. De pilots werden geëvalueerd in opdracht van de VNG. Gezondheidsorganisaties zijn echter steeds in het geweer gekomen tegen deze uitbereiding van schenklocaties omdat dit ten koste gaat van de volksgezondheid. Zij zijn daarom tegen een eventuele versoepeling van de DHW op dit punt.

Lees meer:

Leeftijdsgrens alcohol: 18 jaar

In artikel 20 van de Drank- en Horecawet (DHW) is een verbod opgenomen om tegen betaling alcoholhoudende dranken te verstrekken aan personen van wie niet is vastgesteld dat zij de vereiste leeftijd van 18 jaar hebben bereikt. Deze leeftijdsgrens geldt zowel voor zwak alcoholhoudende dranken als voor sterk alcoholhoudende dranken. Jongeren onder de 18 jaar is het volgens artikel 45 verboden om voor publiek toegankelijke plaatsen alcoholhoudende drank bij zich te hebben. Overtreding kan bestraft worden met een geldboete. Er kan ook worden gekozen voor een HALT-afdoening.

Lees verder over handhaving leeftijdsgrens alcohol en de Halt afdoening

    Dronkenschap

    De Drank- en Horecawet verbiedt horecaondernemers en slijters om personen toe te laten die dronken zijn of onder invloed van drugs (Drank- en Horecawet artikel 20, lid 5). De Drank- en Horecawet verbiedt bovendien dat personeel in een slijtlokaliteit of horecalokaliteit dronken is of onder invloed van drugs (nieuwe Drank- en Horecawet artikel 20, lid 6).

      Gemeenten verantwoordelijk voor toezicht op DHW

      De burgemeester is verantwoordelijk voor het lokale toezicht op de Drank- en Horecawet. De gemeente heeft daartoe een of meer buitengewoon opsporingsambtenaren (boa’s) in dienst. Deze zien er op toe dat degenen die alcohol verkopen zoals horeca, sportkantines en supermarkten, en jongeren onder de 18 jaar zich houden aan de wet. Als het om openbare orde en veiligheid gaat, handhaaft de politie in opdracht van de burgemeester. Daarnaast heeft de politie een algemene opsporingsbevoegdheid.

        Preventie- en handhavingsplan alcohol verplicht

        Het preventie- en handhavingsplan bevat de hoofdzaken van het alcoholbeleid, met name gericht op jongeren (tot 24 jaar) en de handhaving van de DHW. De ambitie van dit beleidsplan is dat jongeren op een zo gezonde en veilig mogelijke wijze kunnen opgroeien, zodat hun talenten zo optimaal mogelijk tot ontwikkeling kunnen komen.

        In het plan worden in ieder geval beschreven (artikel 43a DHW):

        • De doelstellingen van het preventie- en handhavingsbeleid alcohol.
        • De acties die worden ondernomen om alcoholgebruik, met name onder jongeren, te voorkomen, al dan niet in samenhang met andere preventieprogramma’s in het kader van de Wet Publieke Gezondheid.
        • De wijze waarop het handhavingsbeleid wordt uitgevoerd en welke handhavingsacties in de door het plan bestreken periode worden ondernomen.
        • De resultaten die in de door het plan bestreken periode minimaal behaald dienen te worden.

        Het accent in het preventie- en handhavingsplan ligt op de leeftijdsgroep onder de 18 jaar. Het toezicht op de naleving van deze leeftijdsgrens is daarbij één van de prioriteiten. Voor 18-24 jarigen gaat het vooral om het voorkomen van overmatig alcoholgebruik en dan met name tijdens het uitgaan. Naast gezondheidsproblematiek is veiligheidsproblematiek een belangrijke motivatie om aandacht te besteden aan deze leeftijdsgroep.

        Het plan wordt elke vier jaar gelijk met de Nota gemeentelijk gezondheidsbeleid vastgesteld door de gemeenteraad.

          Afdrukken:

          Via printer