U bent hier

Cijfers en feiten tabak

Om een intentie voor tabakspreventie om te zetten naar beleid en een uitvoeringsprogramma, heeft u onder andere cijfers en feiten nodig. Door de regionale of lokale situatie in beeld te brengen, kunt u onderbouwd prioriteiten stellen en gericht doelgroepen kiezen.

Daling aantal rokers boven de 18 jaar

  • In 2016 rookte iets minder dan een kwart van alle Nederlanders van 19 jaar en ouder wel eens. Meer dan driekwart van de rokers rookt dagelijks.
  • Ten opzichte van 2014 is het aantal rokers gedaald: in 2014 rookte 25,7%  en in 2015 26,3%). De daling deed zich niet voor onder laag opgeleiden.
  • Er roken meer mannen (28,8%) dan vrouwen (19,5%).
  • Onder middelbaar en laag opgeleiden wordt ruim twee tot bijna drie keer meer dagelijks gerookt (resp. 21, 5% en 25,1%) dan onder hoogopgeleiden (9,7%).
  • Volwassenen met een niet-westerse migratieachtergrond roken vaker (30,7%) dan volwassenen met een Nederlandse achtergrond (23,0%) of westerse migratieachtergrond (26,1%).
  • Bijna een derde van de rokers deed een stoppoging in het afgelopen jaar.
  • Roken gaat vaak samen met andere leefstijlrisico’s zoals zwaar drinken en/of overgewicht. Tussen 1990 en 2011 is het aantal mensen dat leefstijlrisico’s combineert afgenomen[1].
  • 9% van de volwassen Nederlanders wordt dagelijks een uur of meer blootgesteld aan de rook van andermans sigaretten.

Bron: Factsheet Roken onder volwassenen - kerncijfers 2016, Nationaal Expertisecentrum Tabaksontmoediging, 2017.

Roken onder scholieren en studenten 

  • In 2015 had bijna 23% van de scholieren tussen de 12 en 16 jaar ooit gerookt, ruimt 10 % deed dat nog in de laatste maand. Dagelijks rookte iets meer dan 3%.
  • Er is een met de leeftijd oplopende, gestaag stijgende lijn te zien in het percentage rokers tussen de 12 en de 16 jaar. Van de 12 jarigen rookte bijvoorbeeld 0,1% dagelijks, bij 16 jaar was dat al 6%.
  • De verschillen tussen jongens en meisjes zijn niet groot wat betreft hun rookgewoonten.
  • Op het VMBO (beroeps/kader beroeps) wordt meer gerookt dan op het VWO: 32% van deze scholieren heeft ooit gerookt, twee maal zo veel als onder VWO-leerlingen (16%).
  • Het aantal (dagelijks) rokende scholieren neemt af sinds 1992, al was er tussen 2007 en 2011 een stagnatie te zien.
  • Van de kinderen tot 12 jaar rookt ruim 6% dagelijks mee, waarvan ruim 2 procent een uur of meer. Tussen de 12 en 18 jaar zijn deze percentages 18% en 8%.
  • Van MBO en HBO studenten zijn geen trendcijfers beschikbaar. Wel is bekend dat van deze studenten in 2015 ongeveer één op de drie (33%) in de afgelopen maand rookte en één op de vijf (18%) dagelijks rookte.

Bronnen:

 

Handhaving van de Tabaks- en rookwarenwet

De NVWA houdt toezicht op de naleving van de Tabaks- en rookwarenwet en kan boetes opleggen. Daarnaast worden onderzoeken uitgevoerd naar in hoeverre jongeren onder de 18 rookwaren kunnen kopen en of de horeca het rookverbod naleeft. De laatste jaren lijkt de naleving te verbeteren maar zeker ook nog voor verbetering vatbaar.

  • De leeftijdsgrens voor de verkoop van tabaksproducten wordt vaak niet nageleefd. De 9% 16-17 jarigen die tabakswaren willen kopen slagen daar in meer dan de helft van de gevallen in (57%). 
  • In 2016 legde de NVWA 18% van de geïnspecteerde locaties een maatregel op voor het overtreden van de leefijtdsgrens voor de verkoop van tabak. In 2015 was dat nog in 20% van de gevallen.
  • Het aantal overtredingen van rookverboden in de horeca neemt af. Overtredingen vinden het meest plaats in cafés en discotheken.

Bron: Nationale Drug Monitor, Jaarbericht 2017, Trimbos-instituut/WODC, 2017.

Referenties

  1. L. van Springvloet, van der Pol P., van Dorsselaer S., van Monshouwer K., van Laar M. Factsheet Roken onder volwassenen en jongeren in Nederland. Kerncijfers 2015. Utrecht: Nationaal Expertisecentrum Tabaksontmoediging (onderdeel van het Trimbos-instituut) 2016.

Ook gevonden

Afdrukken:

Via printer