In de schijnwerpers

Welke interventies werken om mensen weer te laten deelnemen aan de samenleving? Met de Impuls Leefstijlinterventies (2021-2022) informeren en enthousiasmeren we gemeenten over erkende leefstijlinterventies. We zetten enkele interventies in de schijnwerpers.  Dit keer: Voel je goed! Een interventie waarin gezondheidsvaardigheden en taalles hand in hand gaan.

Voel je goed!

De erkende interventie Voel je goed! combineert eet- en beweegadviezen van een diëtist met groepslessen gezondheidsvaardigheden van een getrainde taalvrijwilliger. Twintig weken lang, drie uur per week, leren de deelnemers gezonder te eten en meer te bewegen. Ook wordt er tegelijkertijd gewerkt aan taalvaardigheid. Alle lessen zijn gemaakt samen met professionals van het Voedingscentrum en Kenniscentrum Sport Bewegen, diëtisten en de laaggeletterden zelf.

Intro

We spreken met Marieke Wiebing, senior adviseur van Stichting Lezen en Schrijven en nauw betrokken bij de interventie.

“Het is mijn passie,” merkt Wiebing op als ze vertelt waarom ze zich graag inzet voor de meest kwetsbaren. Ze ziet dat veel organisaties tevreden zijn met 80% bereik bij de doelgroep. “De 10-20% die zij niet bereiken, dat is vaak dezelfde groep,” legt Wiebing uit: “In die groep spelen vaak meerdere problemen tegelijkertijd. Laaggeletterdheid zorgt ervoor dat die groep niet mee kan met het reguliere aanbod.

 

Dietiste geeft dieetadvies

body interview

De supermarkt in

“Bij één van de lessen neemt een diëtist de deelnemers mee de supermarkt in. Daar leren de deelnemers welke producten ze beter wel en beter niet kunnen kopen, en waar ze in de toekomst op moeten letten om een gezonde keuze te maken,” vertelt Wiebing. “De supermarktrondleiding was al een bewezen werkzame interventie. We hebben die samen met het Voedingscentrum aangepast voor laaggeletterden en opgenomen in Voel je goed!”

 

Gezonder gevoel en gewicht

In groepjes van vier tot zes personen werken de deelnemers aan gezondheids- en taalvaardigheden. Het levert hen niet alleen een gezonder gevoel op, maar ook een gezonder gewicht, vertelt Wiebing. “Na deelname aan Voel je goed! zitten mensen lekkerder in hun vel en wegen minder. Het gewicht zit ook letterlijk minder in de weg, waardoor ze actiever worden.”

Vol passie vertelt Wiebing  over één van de eerste deelnemers die haar altijd goed is bijgebleven: “Na afloop vertelde ze me dat ze voorheen altijd uit potjes en flesjes kookte. Nu ze wist wat er in die potjes zat, kookte ze vaker met verse producten. Maar nog belangrijker, ze gaf aan dat ze zich voor het eerst in haar leven goed voelde. Stel je voor, dan ben je 54 jaar en durf je past voor het eerst  zeggen: ik voel me goed!”

 Wiebing benadrukt het belang van het sociale aspect van de interventie. “Het is voor veel mensen een verademing om met een groepje lotgenoten op eigen tempo te werken aan een gezonder gewicht. Laagdrempelig, onder leiding van een vrijwilliger, in de buurt, het liefst om de hoek.”

 

Stel je voor, dan ben je 54 jaar en durf je pas voor het eerst te zeggen: ik voel me goed!

 

In buurthuizen en bibliotheken

Voel je goed! wordt inmiddels in ruim veertig gemeenten ingezet. Wiebing licht toe: “De groepslessen vinden vaak plaats in buurthuizen en wijkcentra, maar bijvoorbeeld ook in bibliotheken. “Worden er vooral binnen een gezondheidscentrum deelnemers geworven, dan is het ook logisch dat de lessen daar plaatsvinden.”Voor die werving van de deelnemers wordt idealiter een lokale projectleider aangesteld. “De laaggeletterde doelgroep (met Nederlands als moedertaal) is vaak lastig te bereiken. Een lokale projectleider kan voorlichting geven in buurthuizen, taalgroepen en bij sociale werkbedrijven. Ook kan die projectleider werven via lokale media en een netwerk opbouwen met andere professionals die contact hebben met laaggeletterden en kunnen doorverwijzen naar Voel je goed!,” legt Wiebing uit.

 

Interventie voel je goed deelnemer krijgt uitleg in supermarkt

 

 

Kosten en randvoorwaarden

Een gemeente die aan de slag wil met Voel je goed! kan gratis advies inwinnen bij Stichting Lezen en Schrijven. “Ook benodigde materialen en landelijke trainingen van professionals bieden wij kosteloos aan,” vult Wiebing aan. De overige kosten dienen lokaal gedragen te worden, denk aan een vrijwilligerscoördinator en lokale projectleider. “Zo’n lokale projectleider kan heel goed een medewerker van de GGD Gemeentelijke/gewestelijke gezondheidsdienst of een welzijnsinstelling zijn, die daarvoor een paar uren per week vrijmaakt. Als ze maar affiniteit hebben met de doelgroep.” De drie uur individuele begeleiding van de diëtist wordt vergoed vanuit de basisverzekering. Daarbij is het eigen risico wel van toepassing. “Sommige gemeenten kiezen ervoor om de deelnemers daarin tegemoet te komen.”

Om de implementatie te laten slagen is flexibiliteit erg belangrijk, benadrukt Wiebing. “Je moet uitzonderingen durven maken om deze doelgroep te binden. Iedere deelnemer telt, juist bij deze kwetsbare doelgroep. Mensen kunnen problemen hebben met de kinderopvang of met vervoer. Als je niet bereid bent hierin flexibel te zijn, dan krijg je geen deelnemers.”

 

Laat je niet afschrikken door de integrale aanpak van Voel je goed! Dit vraagt net wat meer afstemming, maar als dat lukt, heb je ook meer.

 

Inbedding in andere activiteiten

Ook is het van belang dat er in de gemeente activiteiten zijn waar de deelnemers van Voel je goed! na afloop mee door kunnen, denk aan passend beweegaanbod, cursussen gezond koken of de Gecombineerde Leefstijl Interventie (GLI Gecombineerde Leefstijlinterventie ): “Leefstijlcoaches worstelen vaak met laaggeletterdheid. We zien dat laaggeletterden vaak vroegtijdig uitvallen bij een GLI. Dat is niet fijn voor de deelnemers én niet fijn voor de GLI-aanbieder. We leiden nu GLI-professionals op in het herkennen en bespreekbaar maken van laaggeletterdheid. Om vroegtijdige uitval – en de faalervaring bij de deelnemer – te voorkomen. De laaggeletterde kan bijvoorbeeld eerst deelnemen aan Voel je goed! en vervolgens in een half jaar worden klaargestoomd voor de GLI.”

 

1+1=3

Tot slot deelt Wiebing nog een goede raad: “Laat je niet afschrikken door de integrale aanpak van Voel je goed! Het kan lastig zijn om de verschillende partijen bij elkaar te brengen. Dit vraagt net wat meer afstemming voordat je kunt starten, maar als dat lukt, heb je ook meer. 1+1=3.”

 

EInde

Aan de slag met Voel je goed!

Wilt u als gemeente of organisatie ook aan de slag met deze interventie? Neem dan contact op met Marieke Wiebing.

Advies op maat

Advies op maat

Wilt u hulp bij uw lokale gezondheidsvraagstuk? Wij geven advies op maat en ondersteunen gemeenten en GGD Gemeentelijke/gewestelijke gezondheidsdienst'en bij de aanpak van lokale gezondheidsvraagstukken. Ook geven we advies bij het kiezen, aanpassen en implementeren van erkende interventies. Ga naar Advies op maat gemeenten en wij helpen u graag verder.