Maak kennis met de vijf stelselwetten die de basis vormen voor preventie: de Wet publieke gezondheid (Wpg Wet publieke gezondheid (Wet publieke gezondheid)), de Jeugdwet, de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo Wet maatschappelijke ondersteuning (Wet maatschappelijke ondersteuning)), de Zorgverzekeringswet (Zvw Zorgverzekeringswet (Zorgverzekeringswet)) en de Wet langdurige zorg (Wlz Wet langdurige zorg (Wet langdurige zorg)). Deze wetten vormen samen een krachtige keten van preventieactiviteiten die verschillende doelgroepen bereiken. Ontdek ook hoe de omgevingswet nieuwe mogelijkheden biedt voor preventie. 

Verantwoordelijkheden gemeenten

Gemeenten hebben voor de uitvoering van hun preventieve taken een aantal wetten tot hun beschikking. Vanuit deze wetten hebben ze diverse verantwoordelijkheden.

In de wereld van de publieke gezondheidszorg is de Wpg Wet publieke gezondheid (Wet publieke gezondheid) dé sleutel. Deze wet biedt het wettelijke kader voor het nemen van gezondheidsbevorderende en -beschermende maatregelen voor zowel de bevolking in het algemeen als specifieke groepen. Denk hierbij aan het voorkomen en vroegtijdig opsporen van ziekten. Preventie staat centraal binnen de Wpg. Alle activiteiten zijn gericht op het voorkomen van gezondheidsproblemen en het bevorderen van welzijn. Deze wet legt tevens de basis voor samenwerking tussen rijk en gemeenten op het gebied van publieke gezondheidszorg.

Wat houdt dit precies in?

  • Collectieve preventie
  • Infectieziektebestrijding
  • Jeugdgezondheidszorg
  • Ouderengezondheidszorg

Binnen de Wpg zijn er diverse preventieve activiteiten die worden uitgevoerd. Dit omvat onder andere:

  • Het bijdragen aan de opzet, uitvoering en afstemming van preventieprogramma's, inclusief gezondheidsbevordering. Denk hierbij aan het voorkomen van alcoholmisbruik bij jongeren.
  • Het verstrekken van prenatale voorlichting aan ouders.
  • Actief zorgdragen voor vaccinaties en het systematisch volgen en signaleren van factoren die de gezondheid bevorderen of bedreigen bij jeugd.
  • Het vroegtijdig opsporen en voorkomen van specifieke aandoeningen.
  • Het systematisch volgen en signaleren van factoren die de gezondheid bevorderen of bedreigen bij ouderen.
  • Het vroegtijdig opsporen en voorkomen van specifieke aandoeningen, bijvoorbeeld door middel van beweegactiviteiten en sociale initiatieven.

De verantwoordelijkheden binnen de Wpg zijn als volgt verdeeld:

  • Het rijk is verantwoordelijk voor het vastleggen van het aanbod in de Wpg.
  • Gemeenten zijn verantwoordelijk voor de lokale invulling en uitvoering.
  • Zorgorganisaties en professionals dragen de verantwoordelijkheid voor de kwaliteit van de zorg.
  • Burgers worden geacht hun eigen verantwoordelijkheid te nemen voor hun gezondheid.

Wie voert preventie binnen de Wpg uit?

Burgemeesters en wethouders dragen de verantwoordelijkheid voor het waarborgen van gezondheidsaspecten bij bestuurlijke beslissingen. Voordat het college een besluit neemt met belangrijke gevolgen voor de publieke gezondheidszorg, is het wettelijk verplicht om advies in te winnen bij de GGD Gemeentelijke/gewestelijke gezondheidsdienst (Gemeentelijke/gewestelijke gezondheidsdienst). In veel regio's zijn ook thuiszorgorganisaties betrokken bij dit proces.

Kansen voor preventie binnen de Wpg

Met de Wpg heeft de gemeente veel beleidsvrijheid, waardoor er optimaal kan worden ingezet op preventie bij lokale situaties en problemen. Het helpt om de plannen voor risicogroepen expliciet op te nemen in de gemeentelijk nota lokaal gezondheidsbeleid.

Bekostiging van preventie in de Wpg

Voor de Wpg bestaan, in tegenstelling tot de Zvw Zorgverzekeringswet (Zorgverzekeringswet) en Wlz Wet langdurige zorg (Wet langdurige zorg), geen landelijk vastgestelde bekostigingsregels. Elke gemeente stelt eigen regels vast met betrekking tot de voorwaarden voor en manier van betalen van preventie, zorg, ondersteuning en jeugdhulp. Voor de Wpg, de Wmo Wet maatschappelijke ondersteuning (Wet maatschappelijke ondersteuning) 2015 en de Jeugdwet worden deze regels vastgelegd in een gemeentelijke verordening. Alle uitgaven worden ingepast in de gemeentelijke begroting. Los van wettelijke verantwoordelijkheden/mogelijkheden kunnen gemeenten vanuit hun maatschappelijke betrokkenheid er voor kiezen om preventie te bevorderen door initiatieven uit eigen financiële middelen te betalen.

 

In onze samenleving willen we dat iedereen gelijke kansen krijgt om volledig deel te nemen aan het maatschappelijk leven. Daarom regelt de Wmo Wet maatschappelijke ondersteuning (Wet maatschappelijke ondersteuning) dat gemeenten zorgen voor passende ondersteuning en zorg voor mensen met beperkingen of psychosociale problemen. We streven ernaar om hen in staat te stellen zo lang mogelijk thuis te blijven wonen, terwijl we tegelijkertijd voorkomen dat ze afhankelijk worden van zwaardere vormen van zorg.

Kansen voor preventie binnen de Wmo

De Wmo biedt veel kansen voor preventie. De Wmo heeft als uitgangspunt dat door preventieve maatregelen te nemen, we kunnen voorkomen dat situaties verergeren en zwaardere zorg nodig wordt. Een voorbeeld hiervan is respijtzorg, die wordt aangeboden aan mantelzorgers om overbelasting te voorkomen en ervoor te zorgen dat er minder behoefte is aan formele zorg voor cliënten.

De gemeente kan aan de hand van het beleidsplan maatschappelijke ondersteuning de nadruk leggen op het implementeren van een integrale preventieve aanpak.  Samenwerking met zorgverzekeraars en zorgaanbieders is daarbij van groot belang. Gemeenten zorgen voor de infrastructuur en bepalen zelf de indicatiestelling. Aanbieders, professionals en vrijwilligers voeren de activiteiten uit.

Activiteiten binnen de Wmo zijn bijvoorbeeld:

  • het bevorderen van zelfredzaamheid en participatie van inwoners
  • het waarborgen van maatschappelijke ondersteuning
  • het voorkomen en bestrijden van huiselijk geweld
  • het ondersteunen van mantelzorgers en vrijwilligers
  • het bevorderen van sociale samenhang 
  • ervoor te zorgen dat voorzieningen en ruimten toegankelijk, veilig en leefbaar zijn.


Verantwoordelijkheden binnen de Wmo

Binnen de Wmo zijn er duidelijke verantwoordelijkheden gedefinieerd.

  • Inwoners worden aangemoedigd om hun eigen kracht en mogelijkheden te benutten, evenals hun sociale netwerk.
  • Gemeenten dienen passende ondersteuning te bieden, op maat gemaakt om ervoor te zorgen dat inwoners thuis kunnen blijven wonen.
  • Aanbieders, waaronder professionals en vrijwilligers, moeten ondersteuning van hoge kwaliteit bieden die veilig, doeltreffend, doelmatig en cliëntgericht is.

 

Bekostiging van preventie in Wmo

Voor de Wmo bestaan geen landelijk vastgestelde bekostigingsregels. Elke gemeente stelt eigen regels vast met betrekking tot de voorwaarden voor en manier van betalen van preventie, zorg, ondersteuning en jeugdhulp. Dit komt terug in een gemeentelijke verordening. Alle uitgaven worden ingepast in de gemeentelijke begroting. Daarnaast is het mogelijk om vanuit maatschappelijke betrokkenheid preventie te bevorderen door dit uit eigen financiële middelen te betalen.

De Jeugdwet vormt de basis om opgroei- en opvoedproblemen, psychische uitdagingen en kinderbescherming  te voorkomen en waar nodig effectief aan te pakken. Volgens deze wet zijn gemeenten verantwoordelijk voor alle vormen van jeugdhulp. Dit betekent dat de gemeente kinderbeschermingsmaatregelen en jeugdreclasseringsmaatregelen moeten bekostigen, waarvoor gecertificeerde instellingen verantwoordelijk zijn.

Kansen voor preventie in de Jeugdwet

Een van de voornaamste doelen van de Jeugdwet is het voorkomen van problemen, en het vroegtijdig bieden van hulp en zorg, om zo zwaardere vormen van jeugdhulp te voorkomen. Ons gemeentelijk beleid richt zich specifiek op jeugdigen (en hun ouders) die een verhoogd risico lopen op ontwikkelingsachterstand of uitval, maar voor wie zwaardere zorg niet nodig is of voorkomen kan worden.

Een preventieve aanpak  van de gemeente richt zich op:

  • het voorkomen, vroegtijdig signaleren en interveniëren bij risico's op opgroei- en opvoedproblemen, psychische uitdagingen en stoornissen.
  • het versterken van het opvoedklimaat.
  • het bevorderen van de opvoedvaardigheden van ouders.
  • het waarborgen van de veiligheid van onze jeugdigen in hun opvoedingssituatie.
  • het bieden van integrale hulp aan jeugdigen en ouders bij multiproblematiek.

Let op: preventie voor jeugd in het kader van jeugdgezondheidszorg valt grotendeels onder de Wet publieke gezondheid, terwijl preventie door jeugdwelzijnswerk onder de Jeugdwet valt (zoals ambulant jongerenwerk).

Samen verantwoordelijk voor preventie

De verantwoordelijkheid voor preventie ligt in de eerste plaats bij ouders en jongeren zelf. Het is van belang dat zij hun eigen kracht en de mogelijkheden van hun sociaal en familiaal netwerk benutten. De gemeente komt in beeld wanneer ouders problemen ondervinden die de ontwikkeling, opvoeding en leefsituatie (van hun kinderen) bedreigen en zij de hulp van de overheid nodig hebben. U kunt daarbij inzetten op bijvoorbeeld voorlichting, advies, informatie en signalering in om ondersteuning te bieden.

Verantwoorde hulpverlening door professionals

Jeugdhulpaanbieders en gecertificeerde instellingen zoals (school) maatschappelijk werk, HALT-voorzieningen, onderwijsachterstandsvrijwilligers en ook mantelzorgers verlenen verantwoorde hulp. Dit betekent dat zij hulp bieden die veilig, doeltreffend, doelmatig en gericht op de behoeften van jeugdigen en ouders is. Zij zijn essentiële partners in een integrale preventieve aanpak. Een gemeentelijke dienst kan ook uitvoerder zijn.

Bekostiging van preventie in Jeugdwet

Voor de Jeugdwet bestaan geen landelijk vastgestelde bekostigingsregels. Elke gemeente stelt eigen regels vast met betrekking tot de voorwaarden voor en manier van betalen van preventie, zorg, ondersteuning en jeugdhulp en legt deze vast in een gemeentelijke verordening. Alle uitgaven komen terug in de gemeentelijke begroting. Daarnaast is het mogelijk om vanuit maatschappelijke betrokkenheid preventie te bevorderen door dit uit eigen financiële middelen te betalen.

 

Verantwoordelijkheden zorgverzekeraars en zorgkantoren

Zorgverzekeraars hebben een zorgplicht en ook daarin is ruimte voor preventie.

De Zorgverzekeringswet (Zvw Zorgverzekeringswet (Zorgverzekeringswet)) regelt dat iedereen die in Nederland woont of loonbelasting betaalt wettelijk verplicht is een basisverzekering te hebben. Deze basisverzekering dekt de standaardzorg van bijvoorbeeld huisarts, ziekenhuis of apotheek. Daarnaast kan iedereen zich (vrijwillig) aanvullend verzekeren voor kosten die het basispakket niet vergoedt.

Preventie binnen de Zvw  

Zorgverzekeraars hebben een zorgplicht. De zorgplicht houdt in dat een zorgverzekeraar verplicht is zorg te regelen (of een vergoeding van de kosten van zorg te bieden) als een verzekerde een beroep moet doen op zijn zorgverzekering. In het Besluit zorgverzekering is geregeld voor welke geneeskundige zorg de zorgverzekering dekking moet bieden (het basispakket). Geïndiceerde en zorggerelateerde preventie maken deel uit van het basispakket.

Welke preventieve activiteiten vallen onder de Zvw? 

Het basispakket van de Zorgverzekeringswet omvat alle activiteiten van zorgaanbieders die zijn gericht op geïndiceerde en zorggerelateerde preventie in het kader van de behandeling van medische klachten/aandoeningen. Denk aan leefstijladviezen die iemand met een (verhoogde kans op) depressie of diabetes krijgt van zijn huisarts of specialist over leefritme, beweging, voeding en alcoholgebruik. Of aan cholesterol- of bloeddrukverlagers voor mensen met een verhoogd risico op hart- en vaatziekten, controles en screeningen van zwangere vrouwen, leefstijladviezen van verloskundigen aan aanstaande moeders, preventieve tandartscontroles voor jongeren, preventieve adviezen en voorlichting van de kraamhulp aan jonge ouders en stoppen met roken en dieetadvisering.
Naast het basispakket bieden zorgverzekeraars ook een aanvullend pakket aan waar preventie vaak onderdeel van is.

Verantwoordelijkheden preventie binnen de Zvw

  • De verzekeraar: is verantwoordelijk voor het uitvoeren van de polis, dat wil zeggen verantwoordelijk voor de vervulling van de zorgplicht, voor het organiseren van zorg voor zijn verzekerden en voor de vergoeding van de kosten.
  • De zorgaanbieder: is verantwoordelijk voor het leveren van goede (preventieve) zorg.
  • De verzekerde/patiënt: is verantwoordelijk voor het aangeven van zijn/haar behoeften, het opvolgen van de adviezen van de zorgaanbieder en de therapietrouw.
  • Persoonsgebonden budgethouder: is verantwoordelijk voor het inkopen van goede en verantwoordelijke zorg conform voorwaarden van zijn of haar zorgverzekeraar.

Wie voert preventie binnen de zorgverzekering uit?

Over het algemeen bepaalt de hulpverlener of hij/zij een preventieve maatregel inzet. Daarnaast heeft iedere rokende verzekerde het recht om ten minste één keer per kalenderjaar een 'stoppen-met-roken'-programma te volgen.

Bekostiging van preventie in de zorgverzekeringswet

Het basispakket van de Zorgverzekeringswet omvat alle activiteiten van zorgaanbieders die zijn gericht op geïndiceerde en zorggerelateerde preventie in het kader van de behandeling van medische klachten/aandoeningen.

Daarnaast biedt de Beleidsregel Innovatie  de mogelijkheid om voor een periode van maximaal drie jaar te experimenteren met een nieuwe zorgprestatie die nog niet bestaat in de reguliere bekostiging. Dit kan gericht zijn op op preventie. De Nza toetst of de ingediende aanvraag voldoet aan de voorwaarden. Daarnaast is overeenstemming nodig tussen verzekeraar en aanbieder over de betaling. Bekijk de lijst met lopende experimenten gefinancierd uit de Beleidsregel Innovatie (Nza.nl).

Meer informatie

De Wet langdurige zorg (Wlz Wet langdurige zorg (Wet langdurige zorg)) is er voor mensen die de hele dag intensieve zorg of toezicht dichtbij nodig hebben. Bijvoorbeeld ouderen met vergevorderde dementie of mensen met een ernstige verstandelijke, lichamelijke of zintuiglijke beperking.'

Preventieve activiteiten Wlz

Zorggerelateerde preventie behoort tot de aanspraken die zorgkantoren vergoeden. Dit kan betrekking hebben op het voorkomen van doorligwonden en vallen, en het aanbieden van fysiotherapie in instellingen. Ook is er een preventieve kant bij het inzetten van 'Behandeling' gericht op herstel en/of op het aanleren van nieuwe vaardigheden of gedrag. Het kan ook gaan om het aanleren van vaardigheden of gedrag van de mantelzorger of verzorger van de verzekerde. Het Centrum indicatiestelling zorg (CIZ Centrum indicatiestelling zorg (Centrum indicatiestelling zorg)) beoordeelt of mensen in aanmerking komen voor voorzieningen uit de Wlz.

Binnen de Wlz is het ook mogelijk domeinoverstijgende experimenten te initiëren met gebruikmaking van domein overstijgende bekostiging voor de doelgroep dementerende ouderen. Daarnaast is er inkoop persoonsvolgende zorg waarbij cliënten (ouderen en gehandicapten) voor het moment van indicatiestelling actief worden benaderd om het proces van toetreding tot de Wzl te versoepelen of uit te stellen.

Verantwoordelijkheden preventie binnen de Wlz

  • Wlz-uitvoerder/zorgkantoor: Wlz-uitvoerder/zorgkantoor heeft een zorgplicht en moet zorgen voor samenhangende zorg die hoort bij het bij het de verzekerde best passende zorgprofiel. Daartoe moet hij zorgaanbieders contracteren, waarbij hij er op moet letten dat aard, inhoud en de omvang van de zorg voldoen aan de stand van de wetenschap en praktijk of dat de zorg in het betrokken vakgebied geldt als verantwoorde en adequate zorg en dienst. In dat kader zou aanbieder ook moeten letten op signalen dat de verzekerde-/patiënt baat kan hebben bij preventieve activiteiten en die ook aanbieden.
  • Zorgaanbieder: aanbieder moet goede zorg aanbieden die voldoet aan de stand van wetenschap en praktijk dan wel die binnen het vakgebied geldt als adequate en verantwoorde zorg.

Wie voert de preventieve activiteiten binnen de Wlz uit?

De hulp- en zorgverleners bepalen of een preventieve maatregel aangewezen is.


Ontdek de mogelijkheden van de Omgevingswet voor een gezonde gemeente

Vanaf 2024 wordt de Omgevingswet van kracht, en dit biedt gemeenten de gelegenheid om het beleid en de aanpak voor een gezonde leefomgeving steviger te verankeren. Deze nieuwe wet decentraliseert taken, waardoor gemeenten meer ruimte krijgen voor lokaal maatwerk. Ze kunnen hun eigen ambities formuleren en een eigen omgevingsvisie en -plan ontwikkelen, waarin gezondheid expliciet wordt meegenomen. Dit betekent dat gezondheid op lokaal niveau meer aandacht krijgt in de afwegingen.

De Omgevingswet opent de deur naar nieuwe mogelijkheden om de publieke gezondheid integraal en effectief te beschermen en te bevorderen. Gemeenten kunnen gezondheid al in een vroeg stadium meenemen bij de planvorming op terreinen als Milieu, Veiligheid, Ruimtelijke ordening en Leefomgeving. Bovendien is er ruimte voor verbinding met andere wetten, zoals de Wpg Wet publieke gezondheid (Wet publieke gezondheid) (Wet publieke gezondheid) en de Wmo Wet maatschappelijke ondersteuning (Wet maatschappelijke ondersteuning) (Wet maatschappelijke ondersteuning). Het creëren van groene ruimtes kan bijvoorbeeld uitnodigen tot bewegen en ontmoeten, en dit heeft een positieve invloed op het welbevinden van inwoners.

Een interessant aspect is de relatie tussen de Omgevingswet en positieve gezondheid. De doelstellingen van de Omgevingswet sluiten goed aan bij de principes van zelfredzaamheid, veerkracht en aanpassingsvermogen. Door deze verbinding te maken, kunnen we samen werken aan een leefomgeving waarin iedereen zich goed voelt en waarin gezondheid een centrale rol speelt.

Lees meer over een gezonde leefomgeving bij themadossier leefomgeving.

Verantwoordelijkheden-preventiemaatregelen