Lokale samenwerking

Veel doelen van integraal lokaal drugsbeleid zijn niet direct of niet alleen met gezondheidsbeleid te bereiken, maar vereisen maatregelen op andere beleidsterreinen zoals openbare orde en veiligheid, verkeer, onderwijs, jeugd, horeca, toerisme, ouderen, sport en reclame. Welke sectoren betrokken zijn bij drugsbeleid, hangt af van de specifieke problematiek in de gemeente en de doelgroep.

Voorbeelden van lokale samenwerking:

  • Als de gemeente een uitgaansfunctie heeft, kan het thema 'uitgaan' een goede insteek zijn om samenwerking te bewerkstelligen. De sociale schade die het uitgaanspubliek kan veroorzaken in de vorm van bijvoorbeeld criminaliteit, overlast, problemen in het verkeer en agressie is relevant voor de beleidsterreinen jeugd, horeca, veiligheid, verkeer en toerisme.
  • Zoek met het jeugd- en gezondheidsbeleid aansluiting bij het integrale veiligheidsbeleid. De gemeente is samen met veiligheidspartners als politie, OM en (jeugd)zorginstellingen verantwoordelijk voor een goed integraal veiligheidsbeleid. Hier staan vaak verschillende veiligheidsvelden uitgewerkt, zoals 'jeugd en veiligheid' en 'veilige woon- en leefomgeving'. Drugs kan hierbinnen ook een belangrijk thema zijn.
  • In sommige jeugdgroepen die op straat hangen, is sprake van middelengebruik. Bij het contact maken met de jongeren, het in kaart brengen van de problematiek en de oplossingen is samenwerking tussen boaBuitengewoon Opsporingsambtenaar (BOA) ’s, politie, jongerenwerk, ouders, wijkteams en verslavingspreventie voorwaarde voor een duurzame oplossing.
  • Zoek aansluiting bij beleidsterreinen die indirect met drugs te maken hebben. Een voorbeeld daarvan is seksuele gezondheid. Drugs- en alcoholgebruik kunnen van invloed zijn op seksueel gedrag waaronder seksueel geweld en onveilig vrijen. Dit speelt vooral onder jongeren. De gemeente kan inhaken op landelijke campagnes en actieweken, door tijdens lokale evenementen samen met drugsvoorlichtingsteams aandacht te vragen voor seksuele gezondheid.

Samenwerkingspartners

Er zijn verschillende organisaties die de gemeente kunnen helpen bij preventie en de naleving van landelijke en lokale regels. De regie ligt bij de gemeente. In het driehoeksoverleg waar gemeente, politie en justitie om de tafel zitten, kunt u de aanpak van problemen die gerelateerd zijn aan de productie, verkoop en het gebruik op drugspreventie bespreken. In sommige gemeenten sluiten ook de GGDGemeentelijke/gewestelijke gezondheidsdienst en de instelling voor verslavingszorg aan bij het driehoeksoverleg. Veel gemeenten hebben een horecaoverleg opgericht met horeca, politie en justitie. In dit overleg kan de aanpak van drugsproblematiek in het uitgaanscircuit aan de orde komen. Ook rond risicojongeren of overlastlocaties bestaan er overleggen waarop aangehaakt kan worden voor preventie of aanpakken van drugsgebruik.

Hieronder wordt per samenwerkingspartner beschreven hoe zij kunnen bijdragen aan het preventiebeleid en signalering op het gebied van drugs:

  • Politie: communicatie over de regelgeving, handhaving openbare orde (bv. bij evenementen), overlast bestrijden op basis van APVAlgemene Plaatselijke Verordening (APV) , naleving Opiumwet controleren, optreden tegen rijden onder invloed van drugs, aanhouden en doorsturen jongeren naar hulpverlenende instanties zoals HALT en instelling voor verslavingszorg.
  • Instelling voor verslavingszorg: contact leggen met jongeren, voorlichting, advies en begeleiding geven op het gebied van drugs, trainen horecapersoneel, trainen coffeeshoppersoneel, uitvoeren pedagogische leerstraffen voor jongeren die aangehouden zijn met drugs (i.s.m. HALT).
  • BOABuitengewoon Opsporingsambtenaar (BOA) ’s (gemeente): communicatie over regelgeving, bestrijden overlast op basis van de APV, probleemgebruik signaleren en doorverwijzen naar hulpverlenende instanties, dealers signaleren en doorverwijzen naar politie.
  • HALT: uitvoeren pedagogische leerstraffen voor jongeren die aangehouden zijn met drugs (i.s.m. instelling voor verslavingszorg), communicatie over regelgeving.
  • GGDGemeentelijke/gewestelijke gezondheidsdienst: voorlichting, advies en begeleiding geven op het gebied van drugs, monitoren drugsgebruik, ondersteunen scholen bij middelenvrije school.
  • Scholen: middelenvrije school realiseren, (afstemmen over) drugsvoorlichting, signaleren probleemgebruikers en actie ondernemen/doorverwijzen wanneer nodig.
  • Ouders: signaleren van gebruik, doorvoeren opvoedadviezen en voorlichting over middelen.
  • Jeugd- en jongerenwerk: laagdrempelig contact leggen met jongeren, signaleren probleemgebruik en doorverwijzen wanneer nodig, voorlichting geven (bv. peer to peer).
  • Ziekenhuisafdelingen voor spoedeisende hulp/EHBO: patiënten op probleemgebruik wijzen en verwijzen naar screeningswebsite en hulpverlenende instanties.
  • Coffeeshops: productinformatie geven aan klanten, criteria coffeeshopbeleid, naleven afspraken over voorkomen of beperken overlast.
  • Professionals uitgaanscircuit (organisatoren, ondernemers): afspraken maken over controle, alertheid op drugsgebruik en dealen, sancties bij overtreding van de wet (overdragen aan politie) of de huisregels instellen van een horecaverbod).
  • Indirecte samenwerkingspartners: partijen die zich bezighouden met thema's die indirect te maken hebben met drugsgebruik, zoals infectieziektebestrijding en seksuele gezondheid.

Voorbeeld: Convenant Veilig Uitgaan 2016-2021

Veel gemeenten leggen de samenwerking met de horeca vast in een convenant. Dit bevordert op termijn niet alleen de gezondheid van jongeren en uitgaanspubliek, maar ook de samenwerking tussen gemeente en ondernemers. In dit kader ondertekenden gemeente, politie, Openbaar Ministerie, Veiligheidsregio Utrecht en Koninklijke Horeca Nederland in 2016 het Convenant Veilig Uitgaan 2016-2021. Hierin staat dat iedere partner zich sterk maakt voor een veilig uitgaansklimaat. De maatregelen lopen uiteen van fietsparkeren, eerlijk deurbeleid, reductie van happy hours, controle op leeftijdsgrenzen tot aan een verbod van drugsgebruik in de horecagelegenheid, voorlichting door preventiewerkers aan uitgaanspubliek en trainingen over middelengebruik en agressiehantering voor horecaondernemers en -personeel.

Regionale samenwerking

Jongeren die drugs en alcohol gebruiken wonen lang niet altijd in de gemeente waar ze uitgaan. Samenwerking met andere gemeenten is niet alleen praktisch en kostenefficiënt, maar ook noodzakelijk voor effectief drugsbeleid. Drugs- en alcoholgebruikers trekken zich namelijk niets aan van gemeentegrenzen. Als jongeren bijvoorbeeld niet aan drugs (en alcohol) kunnen komen in de ene gemeente, zoeken ze hun heil mogelijk in een buurgemeente waar dat wel mogelijk is. Met regionale samenwerking voorkomt u dit 'waterbedeffect'.

Voordelen van regionale samenwerking

  • U kunt ‘halffabricaten’ delen met andere gemeenten, zoals een presentatie, modelconvenant, model horecastappenplan of een ontheffingenbeleid.
  • Het gezamenlijk uitvoeren van proces- of effectevaluaties van evenementen waarbij verschillende gemeenten betrokken zijn (of waarvan verschillende gemeenten overlast ondervinden) bespaart kosten.
  • Samenwerking biedt meer mogelijkheden voor wat betreft media-aandacht, agendasetting en het creëren van publiek draagvlak in de regionale media. Mensen ervaren een hogere 'pakkans' als ze vaak nieuws horen over handhavingsacties in regiogemeenten (handhavingscommunicatie).
  • Een regionale visie op drugsbeleid is belangrijk als er gemeenschappelijke regionale voorzieningen zijn zoals scholengemeenschappen, een streekziekenhuis, de GGDGemeentelijke/gewestelijke gezondheidsdienst, de verslavingszorg, enzovoort.
  • De financiering van gemeenschappelijke projecten kan beter gewaarborgd worden en zorgt voor continuïteit.

Tip

Houd er rekening mee dat besluitvorming langer kan duren en dat prioriteiten per gemeente soms verschillen.

Internationale samenwerking

Drugspreventie kent niet altijd grenzen. Duitse jongeren rijden bijvoorbeeld naar Nederlandse coffeeshops en Nederlandse tieners bezoeken Vlaamse festivals. Het kan daarom lonen om in preventieactiviteiten samen te werken met aangrenzende regio's in een buurland. Of een stap verder: om samen te werken in het voeren van beleid, bijvoorbeeld om drugstoerisme gezamenlijk onder de loep te nemen.

Voorbeeld: internationale samenwerking op regionaal niveau

In de Euregio Maas-Rijn (provincie Limburg) vindt een breed scala aan lokale activiteiten op het gebied van verslavingspreventie plaats. euPrevent ondersteunt deze lokale programma’s op euregionaal niveau door middel van een netwerk van deskundigen, kennis en PR-activiteiten. Zo probeert euPrevent de aandacht voor verslavingsprogramma’s in de samenleving en de politiek te vergroten.

Meer informatie

  •  Website wegwijzerjeugdenveiligheid.nl met een aantal voorbeelden hoe in lokaal beleid de samenwerking tot stand komt.
  • Onder Samenwerken aan gezondheid vindt u algemene informatie over bijvoorbeeld het verkennen van samenwerkingspartners en het uitvoeren en evalueren van samenwerkingsvormen.
  • Resultaten scoren: Samenwerken om bij middelenproblematiek tijdig te signaleren, door te verwijzen en te behandelen. Voorbeelden van verslavingspreventie en -zorg voor kwetsbare jongeren in de jeugdsector.