Landelijke wetgeving en beleid bepalen de kaders voor het gemeentelijke beleid. Het landelijke beleid richt zich met name om het voorkomen van het gebruik van drugs en het beperken van de risico’s. 

De belangrijkste pijlers van het beleid zijn: 

  • drugsgebruik voorkomen 
  • gezondheidsschade voorkomen
  • vroegsignalering en kortdurende interventies 
  • adequate behandeling bij drugsverslaving
  • gezondheidsschade beperken, ook wel ‘harm reduction’ genoemd

 

Opiumwet

Het gebruik van drugs is in Nederland niet verboden. Het bezit, de productie en de handel erin wel. De Opiumwet stelt de volgende zaken strafbaar voor middelen die een risico zijn voor de volksgezondheid: 

  • import en export
  • productie en teelt
  • aanwezigheid en het bezit
  • handel 

Dit mag alleen als er wordt voldaan aan strikte voorwaarden. Bijvoorbeeld voor onderzoek of door ziekenhuizen. 
 
In de Opiumwet staan de middelen benoemd die onder de Opiumwet vallen zoals cannabis, ecstasy, cocaïne, amfetamine en GHBgammahydroxybutyraat (GHB) GHB is middel met een verdovende werking. Het werd vroeger gebruikt als narcosemiddel bij operaties, maar nu als partydrug.

 

Gedoogbeleid: verkoop van softdrugs in coffeeshops

De verkoop van cannabis in coffeeshops wordt in Nederland onder strikte voorwaarden gedoogd. 
De coffeeshophouder is verantwoordelijk voor de controle op leeftijd en nationaliteit. Als gemeente bepaalt u zelf of u coffeeshops in uw gemeente toelaat, en ook hoeveel. Ook kunt u aanvullende eisen stellen. 

Een knelpunt bij het coffeeshopbeleid is dat de verkoop gedoogd wordt, maar dat de productie van cannabis en het bevoorraden van de coffeeshops verboden is. Daarom start Nederland in 2021 met het Experiment de gesloten coffeeshopketen. Hierin wordt gekeken of en hoe telers op kwaliteit gecontroleerde hennep of hasjiesj aan coffeeshops kunnen leveren zonder dat zij daarbij de wet overtreden. 

 

Overige wetgeving en afspraken

De Wegenverkeerswet verbiedt rijden onder invloed van stoffen die de rijvaardigheid beïnvloeden. Sommige drugs zijn geneesmiddelen, of worden zo gezien, en vallen niet onder de Opiumwet. Deze staan in de Geneesmiddelenwet. Een voorbeeld hiervan is ketamine.

Het zonder vergunning, produceren, bestellen, of verhandelen van middelen die onder de Geneesmiddelenwet vallen, is verboden. Lachgas valt – onder invloed van Europese regelgeving – niet meer onder de Geneesmiddelenwet, maar onder de Warenwet. Gebruik van lachgas voor recreatief gebruik is daardoor niet meer strafbaar. Het lachgasgebruik is sindsdien toegenomen en er komt steeds meer zicht op de risico’s van (veelvuldig) gebruik.

 

Meer informatie

In een kamerbrief heeft VWSMinisterie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (april 2019) vijf maatregelen aangekondigd om drugspreventie kracht bij te zetten. Meer inzetten op samenwerking met gemeenten is daar één van. Ook komen er maatregelen die het gebruik van een aantal specifieke middelen, waaronder GHBgammahydroxybutyraat (GHB) GHB is middel met een verdovende werking. Het werd vroeger gebruikt als narcosemiddel bij operaties, maar nu als partydrug. en lachgas, moeten tegengaan. 

In december 2019 werd een tweede Kamerbrief gepubliceerd, over de voortgang van initiatieven met betrekking tot het terugdringen van drugsgebruik.