Voor het maken van effectief drugsbeleid heeft u onder andere cijfers en feiten nodig. Door de regionale of lokale situatie in beeld te brengen, kunt u onderbouwd prioriteiten stellen en doelgroepen kiezen. 

 

Cijfers

Hieronder ziet u hoe en waar u cijfers kunt vinden over drugsgebruik. 

  • Cijfers van de verslavingszorg over de hulpvraag op het gebied van drugs. Instellingen voor verslavingszorg kunnen op navraag een indicatie geven.
  • Incidentenregistraties bij ambulance, GGD Gemeentelijke/gewestelijke gezondheidsdienst, politie, ziekenhuizen, huisartsenposten, kinderartsen en scholen kunnen aanvullende informatie opleveren. Deze zijn lokaal op te vragen bij de betreffende partijen.
Deze landelijke cijfers kunt u gebruiken als aanvulling op lokale cijfers, om deze in perspectief te plaatsen of bij gebrek aan lokale cijfers. 

 

Feiten 

 

Wat zijn drugs, en hoe vaak komt drugsgebruik voor?

Drugs zijn middelen met een psychoactieve werking. Dit betekent dat ze de hersenen prikkelen, waardoor er geestelijke of lichamelijke effecten optreden. Iemand wordt bijvoorbeeld heel actief (stimulerende werking), of juist heel traag (verdovende werking). Ook kunnen drugs het bewustzijn veranderen. De gebruiker gaat de wereld (heel) anders zien en beleven. Hoe schadelijk drugsgebruik is  hangt af van het middel en de hoeveelheid, de omgeving waarin gebruikt wordt en de persoonlijkheid van de gebruiker.

Cannabis is de meest gebruikte drug in Nederland, op enige afstand gevolgd door ecstasy, cocaïne en amfetamine. In 2020 had bij navraag 1 op de 20 volwassenen in de afgelopen maand cannabis gebruikt.  Meer feiten en cijfers over de omvang van drugsgebruik vindt u op VenZinfo.nl:

 

Risicogroepen

Gebruik van drugs is voor iedereen risicovol. Sommige doelgroepen vragen extra aandacht.

Het gebruik van drugs is het hoogst in de leeftijdsgroep van16 tot 25 jaar. Jongeren en jongvolwassenen (waaronder studenten) zijn kwetsbaarder dan volwassenen voor de effecten van drugs: hun lichamelijke ontwikkeling en de ontwikkeling van hun hersenfuncties zijn nog niet voltooid.

Jongeren met een licht verstandelijke beperking en/of psychische- of gedragsproblemen hebben een verhoogd risico op problematisch middelengebruik. Het gebruik van drugs onder jongeren in het praktijkonderwijs en cluster 4-scholen (leerlingen met gedragsproblemen of psychische stoornissen) ligt over het algemeen (flink) hoger dan bij kinderen in het regulier onderwijs. In het cluster 3 onderwijs (kinderen met verstandelijke of lichamelijke beperkingen) is het drugsgebruik lager.

Kinderen van ouders met een verslaving hebben een groter risico op problematisch drugs- en alcoholgebruik op latere leeftijd. Dit komt onder meer door: 

  • genetische factoren 
  • instabiele gezinssituatie 
  • gebrekkige opvoedingsvaardigheden van de ouders

Jongeren en jongvolwassenen (waaronder studenten) die veel uitgaan en festivals bezoeken, gebruiken (veel) meer drugs dan leeftijdsgenoten die niet uitgaan. In het uitgaanscircuit gebruiken mensen vooral stimulerende middelen, Dit gebruik levert vooral acute gezondheids- en veiligheidsproblemen op. Dus tijdens of na de uitgaansavond. 

Rijden onder invloed van drugs beïnvloedt de rijgeschiktheid en verhoogt de ongevalskans. Gebruik van cannabis kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeidheid en verminderde concentratie, reactietijd en informatieverwerking. 

Stimulerende middelen (amfetamine, ecstasy en cocaïne) leiden eerder tot overmoedigheid en harder of agressiever rijden. De combinatie van drugs en alcohol is extra riskant.

Lees meer:  Drugs en geneesmiddelen (SWOV). 

Drugsgebruik tijdens de zwangerschap vergroot de kans op problemen tijdens de zwangerschap of geboorte. Ook kan het de ontwikkeling van een kind voor en na de geboorte ernstig verstoren. De baby kan bijvoorbeeld lichamelijke afwijkingen ontwikkelen of verslaafd zijn bij de geboorte.

 

Risico's en gevolgen van drugsgebruik

Of gebruik van drugs tot problemen leidt, is afhankelijk van het samenspel tussen verschillende factoren:

  • Omgevingsgebonden factoren:  de verkrijgbaarheid van drugs, het drugsgebruik in de sociale omgeving, en maatschappelijke normen ten opzichte van drugsgebruik, maar ook de dynamiek van de omgeving waarin de drugs worden gebruikt. 

  • Persoonsgebonden factoren: genetische factoren, startleeftijd, persoonlijkheidskenmerken, en het hebben van (psychische) problemen.

  • Drugsgebonden factoren: de ontspannende werking, of de roes of extase, de risico's, de verslavende werking en de mate waarin onthoudingsverschijnselen optreden. 

Op Volksgezondheidenzorg.info vindt u een overzicht van een aantal gevolgen van drugsgebruik voor de gezondheid van degene die drugs gebruikt. Naast deze fysieke gevolgen kan er sprake zijn van sociale gevolgen (verwaarlozing van werk, school, relaties) en zijn er maatschappelijke gevolgen. Zo is er de laatste tijd veel aandacht voor de criminaliteit die gepaard gaat met productie en handel in drugs en voor de schade voor het milieu door dumpingen van drugsafval.

 

Hoe gebruikt u deze cijfers?

Met een wijkgezondheidsprofiel of lokale probleemanalyse brengt u met cijfers en feiten in kaart hoe het staat met de gezondheid in uw gemeente, wijk of dorp, en wat de rol van drugs hierin is. Zo kunt u gericht aan de slag. Door het profiel regelmatig te actualiseren kunt u monitoren wat de resultaten van het ingezette beleid zijn. 

Wilt u een wijkgezondheidsprofiel of lokale probleemanalyse maken? Kijk dan ook op de pagina Bronnen voor het maken van een wijkgezondheidsprofiel