Wilt u drugsgebruik effectief en preventief aanpakken? Werk dan integraal. Dit betekent dat u verschillende maatregelen en interventies in samenhang inzet voor verschillende doelgroepen en hun omgeving. U doet dit aan de hand van vier pijlers: voorlichting en educatie, signalering advies en ondersteuning, fysieke en sociale omgeving en regelgeving en handhaving. 

 

Voorlichting en educatie

Het is vaak effectiever om drugsvoorlichting en educatie te richten op de omgeving van jongeren dan op de jongere zelf. Met kennis over de verschillende middelen en de signalen die kunnen duiden op problemen, én over hoe te handelen, kunnen ouders en professionals in gesprek blijven met jongeren en tijdig hulp bieden. Let er op dat het doel, de doelgroep, en de vorm en inhoud van de communicatie op elkaar afgestemd zijn. 

Opvoeders en professionals hebben andere informatie nodig dan jongeren die af en toe drugs gebruiken bij het uitgaan of jongeren die problemen hebben of dreigen te krijgen door drugs. Drugsvoorlichting kan bij jonge impulsieve niet-gebruikers juist nieuwsgierigheid wekken. Ook kunnen niet-gebruikers door voorlichting de indruk krijgen dat gebruik van drugs de norm is. Voorlichting ondersteunt bij voorkeur activiteiten op de andere pijlers.


Signalering, advies en ondersteuning

Ouders en professionals die met jongeren werken hebben vaak snel in de gaten dat er mogelijk iets aan de hand is met een jongere. Een goede signaleringsketen maakt dat zij met hun vragen en eerste signalen ergens terecht kunnen en dat tijdig hulp kan worden ingezet, van licht naar zwaar. Als gemeente heeft u hierin een regisseursrol. Werkzaamheden die daarbij horen zijn onder meer: 

  • organiseren van informatie-uitwisseling tussen verschillende samenwerkingspartners binnen de regels van de AVG
  • bewaken van de uitvoering van de gemaakte afspraken
  • faciliteren van kennisopbouw en bijscholing van de samenwerkingspartners op het gebied van signalerings- en verwijsvaardigheden met betrekking tot drugs
  • opmerken van knelpunten in de hulp en verwijsmogelijkheden.

 

Fysieke en sociale omgeving

De fysieke omgeving en het gedrag van volwassenen in de omgeving van jongeren zijn van invloed op hoe jongeren omgaan met drugs. Omgevingsaspecten die een rol spelen bij het al dan niet gebruiken van drugs of het al dan niet ontwikkelen van problemen door drugsgebruik zijn bijvoorbeeld: 

  • manier waarop ouders met hun kind praten over drugs
  • reactie van een school op een leerling die problemen heeft door drugs
  • communicatie over en de handhaving van huisregels voor drugs op een evenement 
  • locaties van coffeeshops in een gemeente 
  • aanbod van activiteiten voor jongeren in de gemeente met toezicht door volwassenen
  • manier waarop toezicht en handhaving is ingericht in de gemeente

 

Regelgeving en handhaving

Gemeenten hebben een aantal instrumenten in handen om het drugsbeleid met lokale regelgeving te ondersteunen.

 

  • Invloed Algemene Plaatselijke Verordening (APV Algemene Plaatselijke Verordening (APV) ): kleinschalige drugshandel speelt zich deels af in de openbare ruimte. De gemeente kan daarop invloed uitoefenen via de APV, bijvoorbeeld met samenscholingsverboden en gebiedsverboden.
     
  • Blowverbod op bepaalde plekken in de openbare ruimte: 218 gemeenten (cijfers uit 2018) proberen met een blowverbod het gebruik van cannabis op bepaalde plekken in de openbare ruimte te verbieden. Dit is toegestaan wanneer het belang van handhaving ermee gediend wordt. Belangrijk blijft wel dat een drugsgebruiker die door zijn of haar gebruik gezondheidsproblemen ervaart en hulp nodig heeft, altijd recht heeft op zorg en geholpen moet worden en niet gearresteerd.
     
  • Organisaties en instellingen zoals scholen en jongerenwerk kunnen aanvullend op landelijke en lokale wetgeving hun eigen huisregels opstellen ten aanzien van drugs en zorgen dat deze huisregels worden nageleefd. 

  • Maximum aantal coffeeshops: sommige gemeenten hebben een maximum voor het aantal coffeeshops in hun gemeente vastgelegd. Ook kunnen zij eisen stellen aan de kwaliteit van een coffeeshop en het personeel. 
     
  • Hennepconvenant: door middel van een hennepconvenant kunnen gemeenten de samenwerking die nodig is rond de aanpak van (woon)overlast vormgeven.

 

Meer informatie