Om een aanpak voor valpreventie om te zetten naar beleid en een uitvoeringsprogramma, zijn onder andere cijfers en feiten nodig. Een regionale of lokale probleemanalyse maakt het mogelijk om prioriteiten te stellen en doelgroepen te kiezen.

 

Omvang van valongevallen bij ouderen

Oudere mensen (65+) lopen het meeste risico op een privé-valongeval. Het gaat dan om valongevallen die niet in het verkeer, een arbeidssituatie of tijdens het sporten plaatsvinden. Het grootste risico op een valongeval lopen:

  • ouderen met mobiliteitsproblemen, zoals moeite met bewegen, lopen of balans houden
  • ouderen die eerder gevallen zijn

In 2020 bezochten 103.000 ouderen van 65 jaar en ouder een SEH Spoedeisende hulp (Spoedeisende hulp)-afdeling van een ziekenhuis na een privévalongeval. Dit betekent dat in 2020 gemiddeld elke 5 minuten een 65-plusser slachtoffer was van een privé-valongeval met letsel dat moest worden behandeld op een SEH-afdeling.

Andere cijfers uit 2020:

  • meer dan één op drie ouderen werd na bezoek aan de SEH-afdeling opgenomen in het ziekenhuis (36700 ouderen).
  • 5012 ouderen overleden als gevolg van een val.

 

Risicofactoren en gevolgen

De risicofactoren voor vallen zijn onderverdeeld in twee categorieën: persoonsgebonden en omgevingsgebonden. In de praktijk ontstaan de meeste valongevallen door een combinatie van factoren. De effectiviteit van een valpreventieprogramma neemt toe door het uitvoeren van activiteiten die meerdere risico’s aanpakken.

  • minder reactievermogen, evenwicht en spierkracht.
  • beperkte lichamelijke mogelijkheden, verminderde lenigheid.
  • slecht zicht en gehoor.
  • specifieke ziekten, zoals artrose, CVA (Cerebrovasculaire aandoeningen), de ziekte van Parkinson, orthostatische hypertensie.
  • problemen met lopen.
  • cognitieve achteruitgang (bijvoorbeeld dementie) en psychische problemen (bijvoorbeeld depressie).
  • geneesmiddelengebruik, vooral slaap- en kalmeringsmiddelen.
  • risicoverhogend gedrag, zoals te snel opstaan, te weinig beweging en haasten.
  • voorbeelden van risicofactoren in de inrichting van de woning: onvoldoende verlichting, hoge drempels, losse kleedjes, voorwerpen en meubels die niet passen bij de persoon.

  • voorbeelden van risicofactoren bij gebruikte (hulp)middelen: schoenen met gladde zolen, een slecht onderhouden rollator, een boodschappentas zonder wielen, een slechte huishoudtrap.

  • voorbeelden van risicofactoren in de openbare ruimte: ongelijke bestrating, slechte straatverlichting, blokkades.

Valongevallen hebben bij ouderen vaak ernstige gevolgen. In 2019 was 73% van de letsels behandeld op een spoedeisendehulpafdeling ernstig. 57% van de 65-plussers had een fractuur opgelopen. 14% van de ouderen had een heupfractuur en 10% een polsfractuur. De gevolgen hiervan:

  • Hoge directe medische kosten: de valongevallen van ouderen brachten € 1.090.000.000 aan directe medische kosten met zich mee voor patiënten die zijn behandeld op een SEH Spoedeisende hulp (Spoedeisende hulp)-afdeling of zijn opgenomen in het ziekenhuis.

  • Extra belasting voor de gezondheidszorg

  • Aanslag op de zelfstandigheid, zelfredzaamheid en mobiliteit: ouderen hebben na een val meer moeite met bijvoorbeeld het op- en aflopen van trappen, douchen en schoonmaken.
     
  • (Psycho)sociale gevolgen: uit onderzoek blijkt dat een val veel invloed heeft op het zelfvertrouwen van ouderen. Velen blijken angstig te zijn opnieuw binnen- of buitenshuis te vallen.

  • Activiteit na een val neemt af: twee vijfde van de onderzochte ouderen voert ruim een jaar na de val minder vaak activiteiten uit zoals wandelen, fietsen, winkelen en tuinieren. De sociale contacten en sociale activiteiten zijn na ruim een jaar wel weer als voorheen.

  • Risico op gezondheidsklachten wordt hoger: omdat de lichamelijke en geestelijke conditie achteruit gaat na een val.

Lees meer informatie en cijfers in de uitgebreide cijferrapportages van VeiligheidNL.

 

Stijging ernstig letsel na valongeval door vergrijzing

Het aantal 65-plussers met ernstig letsel door vallen (in de privésfeer) stijgt. Dit blijkt uit een analyse die gedaan is tussen 2008 en 2018. Een verklaring voor deze stijging is de vergrijzing van Nederland. Deze vergrijzing zal de komende jaren doorgaan.

In 2050 zal het aantal privévalongelukken met ernstig letsel waarschijnlijk gestegen zijn tot 47 procent.